Aftrekbaar zijn in het algemeen de hypotheekrente die u betaalt en de periodieke betalingen voor erfpacht of opstal. In het jaar waarin u de woning koopt, zijn sommige eenmalige kosten aftrekbaar.
Als u een huis koopt, zult u daarvoor bijna altijd een hypotheek afsluiten. De hypotheekrente die u betaalt in verband met de aankoop, kunt u jaarlijks aftrekken voor de belasting.
Er zijn verschillende hypotheekvormen. De hypotheek die u kiest heeft invloed op de hypotheekrente die u in de loop van de jaren mag aftrekken. Bij de zogenoemde lineaire hypotheek en de annuïteitenhypotheek lost u af op de lening. Daardoor neemt het rentebedrag meestal elk jaar af. Bij een spaarhypotheek lost u niet af, maar betaalt u een premie voor een verzekering. Met de uitkering van de verzekering wordt de lening later in één keer afgelost.
Het rentebedrag blijft daardoor in de tussentijd gelijk.
Niet aftrekbaar zijn de aflossingen, spaarpremies en premies voor een overlijdensverzekering.
Meer informatie over de spaarhypotheek kunt u vinden in de brochure “Rente en rentevrijstelling”.
U kunt deze brochure krijgen bij de Belastingdienst.
Als de grond waarop uw huis staat niet van u is, moet u een bedrag aan de grondeigenaar betalen:dit heet erfpachtcanon. Alleen de periodieke betalingen voor erfpacht of opstal kunt u aftrekken voor de belasting.
Als u de erfpacht heeft afgekocht, is de afkoopsom niet aftrekbaar.
In het jaar van aankoop kunt u een aantal eenmalige kosten aftrekken. Dit zijn vooral kosten die u maakt voor het afsluiten van de hypotheek. De kosten die te maken hebben met de aankoop van het huis zelf, kunt u niet aftrekken.
In het overzicht hierna staat welke kosten wel, en welke niet aftrekbaar zijn.